Eritrea

Lees meer ^ (referentie)

Asielzoeker uit Eritrea voelt zich eenzaam.

De integratie van asielzoekers uit Eritrea, die nog maar net in Nederland zijn, dreigt nu al spaak te lopen. Ze kunnen met niemand praten, zitten werkloos thuis en krijgen te weinig ondersteuning om hun leven hier goed op poten te kunnen zetten.

Eritrea:

Eritrea is een klein land gelegen in de regio Oost Afrika. Het land grenst aan de landen Soedan, Ethiopië en Djibouti en aan de oostkust aan de Rode Zee. Dit gebied in Oostelijk Afrika wordt ook wel ‘de Hoorn van Afrika’ genoemd, de bevolking hier behoort tot de armste ter wereld.

De Vluchtelingen: 

Vele tienduizenden Eritrese vluchtelingen leven in vluchtelingenkampen in Ethiopië en Soedan, maar de levensomstandigheden daar zijn verre van perfect door onder andere grote armoede. Velen vluchten dan ook verder, naar Egypte en naar Europa, op zoek naar vrijheid en een beter leven.

Regime:

Geen kritiek:

In Eritrea mag men geen kritiek geven op de regering. Tegenstanders van de regering worden gearresteerd en worden vaak gemarteld en mishandeld. Er is geen vrijheid van meningsuiting en persvrijheid in Eritrea, kritische journalisten lopen dan ook groot gevaar. Mensen worden zonder proces vastgezet. Men noemt Eritrea wel het Noord-Korea van Afrika. Sinds het aantreden van president Afewerki in 1993 zijn er geen nationale verkiezingen meer gehouden.

Het land verlaten:

Eritreeërs mogen het land niet verlaten zonder toestemming, ze hebben een uitreisvisum nodig. In de praktijk krijgt bijna niemand zo’n visum. Wie het land illegaal probeert te ontvluchten loopt de kans om aan de grens te worden aangehouden of zelfs te worden neergeschoten. Volgens een onderzoekscommissie van de VN worden in Eritrea mensenrechten geschonden (rapport juni 2016), maar de Eritrese regering bestrijdt dit uiteraard.

Dienstplicht:

Jongens én meisjes moeten gelijk na afronding van hun opleiding in dienst. De dienstplicht duurt officieel achttien maanden, maar is in de praktijk veel langer, soms wel tot twintig jaar. Militairen moeten zware arbeid verrichten tegen een zeer laag loon. Ook worden werkkampen gemeld. Een Eritreeër blijft tot zijn vijftigste jaar dienstplichtig. Dienstweigeraars en deserteurs worden gevangen genomen en ook hun familieleden lopen het risico te worden opgepakt. Volgens mensenrechtenorganisatie Amnesty International worden arrestanten opgesloten in gevangenissen onder de grond en in metalen containers in de woestijn. Ze krijgen hier weinig eten en drinken, worden hier gemarteld en moeten in kleine ruimtes in extreme hitte zien te overleven. Omdat een groot gedeelte van de bevolking in het leger moet in plaats van aan het werk kan, is de economische situatie in Eritrea zeer slecht.

Vluchtroute:

De vluchtelingen uit Eritrea hebben een gevaarlijke reis achter de rug als ze uiteindelijk in Nederland aankomen. Vaak moet er eerst worden gespaard om het grote bedrag te kunnen betalen aan de mensensmokkelaars, deze komen veelal uit Soedan. Om te vluchten moeten ze proberen de grens te bereiken, meestal lopend, en te oversteken zonder aangehouden te worden. Ze komen dan in Ethiopië of Soedan terecht. Op hun reis verder naar het noorden van Afrika worden ze door de smokkelaars door de woestijn gereden, vaak opeen gepropt in een jeep of vrachtwagen. Op deze reis door de woestijn moeten ze zien te overleven op zeer weinig eten en drinken. Ook lopen ze het risico overvallen te worden. In Libië worden de vluchtelingen vaak mishandeld door de smokkelaars, de vrouwen zelfs verkracht. Soms worden ze gevangen gehouden en gemarteld om ze te dwingen meer geld van familieleden te vragen.

Overtocht naar Europa:

Sommige vluchtelingen moeten eerst werken om de overtocht naar Europa te kunnen betalen. Als ze dan eindelijk de tocht over de Middellandse Zee kunnen maken, worden ze gedwongen in de vaak gammele en overvolle boten te stappen. Tijdens zulke overtochten zijn vele honderden, of zelfs duizenden, Eritreeërs omgekomen, zoals bij de ramp bij Lampedusa in 2013.

Angst:

Maar zelfs in Europa blijft de angst voor het regime bestaan. Eritrese vluchtelingen zijn bang voor represailles voor henzelf of voor achtergebleven familieleden. Sommigen worden gedwongen een percentage van hun inkomen af te dragen aan de Eritrese staat. Hele families zijn uit elkaar gevallen, omdat mensen in militaire dienst moeten en hun familie bijna nooit mogen zien en omdat velen vluchten. Sommige Eritreeërs vluchten met achterlaten van hun partner en eventuele kinderen, waarover ze altijd in angst zitten. Als ze een verblijfsvergunning hebben gekregen in Nederland mogen ze gezinshereniging aanvragen, maar dit blijkt erg moeilijk te gaan, onder meer omdat Nederland geen ambassade heeft in Eritrea.

Integratie:

Problemen:

Veel Eritrese vluchtelingen voelen zich eenzaam, ze missen hun familie en hebben weinig contact met Nederlanders. Daarnaast hebben ze stressklachten door alles wat ze hebben meegemaakt, geldzorgen door onder andere schulden gemaakt om de vlucht te kunnen maken en familieleden die verwachten dat ze geld opsturen. Bovendien ontbreken budgetvaardigheden en lopen zo de schulden op. Het opleidingsniveau is meestal laag. Jonge mensen die gevlucht zijn hebben vaak hun opleiding nog niet afgerond en dan is de kennis van de Engelse taal zeer gering. Velen kennen het Latijnse alfabet niet, het leren van de Nederlandse taal gaat dan ook moeizaam. Ook zijn er grote culturele verschillen tussen Nederland en Eritrea.

Integratie:

Een goede integratie is dan ook zeer belangrijk. Vluchtelingenwerk Nederland biedt onder meer maatschappelijke begeleiding en hulp bij het inburgeren en het zoeken naar werk. Om in de Nederlandse maatschappij te kunnen meedoen is het van het grootste belang dat Eritrese statushouders goed Nederlands leren. Daarbij is het belangrijk dat ze de taal in de praktijk oefenen. Een taalcoach kan dan ook het verschil maken.